Al bijna anderhalf jaar mag ik me een van de cowboys van Groninger Dorpen noemen. En dat maakt wat bij me los. Boeken kan ik schrijven over de lol en het plezier die ik heb. De collega’s waar ik steeds meer ben van gaan houden. Ik wil nog niet denken aan ‘het afscheid’. Want tja, als zzp-er komt er een keer een einde aan je klus. Ik geniet elke dag dat ik er ben. Wat een fijne, toffe club is dat. Lief en stoer tegelijk. Zo wil ik ook zijn.

Maar dit is een inleiding op een blog die over wat anders gaat. Maar wellicht aangewakkerd is door mijn werk bij Groninger Dorpen. Het gaat over dorpsverlangen.

Wat bedoel ik met dorpsverlangen?
Kijk, ik hou van de stad. Ik hou van de drukte, van de anonimiteit, maar ook de vele mensen die ik er ken. Op je fietsje naar een concert, theater of de kroeg. Binnen een kwartier thuis zijn, veel wijn op of niet. Even een boodschapje doen op elke dag van de week. De lallende studenten op het balkon tegenover me is het ene moment een genot (woei stads, fijn!) de andere momenten denk ik: HOU JE BEK!!
Hoort allemaal bij het stadse leven, toch?

Maar er is altijd wel een heimelijk verlangen geweest naar het platteland. Al toen ik klein was maakte ik een tekening voor mijn moeder dat ik ‘als ik later groot was’ in een boerderij ging wonen met 12 honden, 8 katten, 6 paarden, 24 kippen en een man met blond haar (geloof ik). Dat kan niet in de stad. En als kind ben je ‘in touch’ met je oerinstinct, toch?
De hoeveelheid beesten en de man met blond haar zijn niet per se nog mijn ideaalbeeld, maar wie weet wat de toekomst brengt. Maar die boerderij lonkt.

Wat Groninger Dorpen daar mee van doen heeft? Nou, meerdere dingen. De naam zegt het al, ik werk voor de Groninger dorpen, ben daar dan ook zo af en toe. En mag dan in mijn autootje dat prachtige platteland door scheuren. Of ik stap ‘s ochtends op de fiets naar Ten Boer door de landerijen. Wat vind ik het fijn om de ruimte en de rust te ervaren. De gemoedelijkheid van een dorp. De versnelling lager. Het contact met de mensen.

Maar kan ik de stad missen? Als ik het geld zou hebben, zou ik een tweede huisje op het platteland kopen. En dan deeltijd in een dorp wonen. En deeltijd in de stad. Ben ik dan aan het maximizen? Zeker. Maar ik vind het gewoon een beetje eng om nu in een keer uit de stad te gaan en in een dorp te gaan wonen. Misschien vind ik het toch wel niks, zo’n dorp. En denk ik na twee jaar: ik wil weer terug!!

Twee huizen kan ik ook niet betalen. Dus zou een ruilhuis iets zijn? Met iemand die al in een dorp woont, afspraken maken dat je afwisselt? Werkt dat? Hoe dan?
Vragen vragen. Ik heb het antwoord (nog) niet. Maar mijn dorpsverlangen blijft.